| Economie |
| Tuesday, 10 May 2005 15:49 | ||||
Page 1 of 2 There are no translations available. Algemeen De Tsjechische economie, tot dan toe een socialistisch economisch stelsel, werd sinds januari 1991 groetendeels geprivatiseerd. Burgers werden in de gelegenheid gesteld aandelen in bedrijven, in de vorm van waarborgbiljetten, te kopen (het zgn. voucher-systeem). Een andere maatregel om de economie te veranderen in een vrijemarkteconomie was het vrijgeven van de prijzen. Dit leidde al snel tot een hoge inflatie (in 1991 52%), maar deze daalde echter weer snel naar een niveau van onder de 10%. Veel buitenlandse (m.n. westerse) ondernemers hebben ondertussen in het land geïnvesteerd. De nabijheid van de Europese en vooral de Duitse markt heeft hiertoe in belangrijke mate bijgedragen. Het bruto nationale product (bnp) bedroeg in 1995 bijna $148 miljard. De werkloosheid bedroeg in 2001 8,5%. In 2001 vertoonde de Tsjechische economie nog groei, ondanks de wereldwijde stagnerende economie. Het bruto binnenlandse product (bbp) steeg in 2001 met 3,6%. Belangrijkste oorzaak was de sterke particuliere consumptie door o.a. een stijging van de reële lonen. Ook het aantal consumptieve leningen neemt steeds meer toe. Negatief voor de concurrentiepositie van de Tsjechische bedrijven is de verhouding tussen de productiviteit en de groei van de lonen. De lonen stegen harder dan de productiviteit waardoor de Tsjechische producten duurder worden. En dat is weer slecht voor de export; de handelsbalans verslechterde dan ook in 2001, de groei van de import oversteeg die van de export. Tsjechië vormt samen met Slowakije, Polen en Hongarije de zogenaamde Visegrad-groep. Dit samenwerkingsverband heeft als voornaamste doel de integratie in de Westerse structuren te versnellen. Buitenlandse investeringen Tsjechië is over het algemeen zeer succesvol in het aantrekken van buitenlandse investeerders. Na een mindere periode in 1996-1997 besloot de Tsjechische regering om de investeringsfaciliteiten te vergroten om de buitenlandse investeringen te stimuleren. Dit bleek een schot in de roos te zijn want in 1998 en 1999 verdubbelden de buitenlandse directe investeringen. Ook voor 2000 en 2001 zag de situatie er goed uit.Directe buitenlandse investeringen in euro's: 1993 559 miljoen 1994 734 miljoen 1995 1.982 miljoen 1996 1.140 miljoen 1997 1.152 miljoen 1998 3.317 miljoen 1999 5.933 miljoen 2000 5.404 miljoen 2001 5.487 miljoen De investeringen in 2001 kwamen voor driekwart uit landen van de Europese Unie. In 2000 was Nederland de grootste investeerder (o.a. Philips en Ahold), in 2001 Duitsland met 28%. Andere grote investeerders zijn Frankrijk, België, Oostenrijk en de Verenigde Staten. De meeste investeringen worden gedaan in de dienstensector (ca. 70%) en binnen de dienstverlening werd er het meest geïnvesteerd in de financiële dienstverlening. Deze investeringen vonden vooral plaats in Praag en de andere grote steden. In de industrie ging de meeste aandacht uit naar de transportsector, de machinebouw, de chemische industrie en de houtbewerking. De verwachte privatiseringen in de nutssector en de telecommunicatiesector zullen naar verwachting zorgen voor een verdubbeling van de buitenlandse investeringen in 2002. Beroepsbevolking Opmerkelijk is dat de Tsjechische beroepsbevolking over het algemeen een hoge opleidingsgraad heeft. Voor buitenlandse investeerders een belangrijk motief om te investeren in het land. Tsjechië heeft vooral een lange traditie in onderwijs in technische vaardigheden. Binnen het voortgezet onderwijs rondt 11% van de beroepsbevolking de universiteit of hoger onderwijs af. De arbeidsmobiliteit is vrij laag zodat er in bepaalde gebieden een tekort aan gekwalificeerd personeel is.De Tsjechische beroepsbevolking telt ca. 5 miljoen mensen. De verdeling naar sectoren in procenten is als volgt: Industrie 32% Landbouw 5,5% Handel 16% Bouwnijverheid 8,7% Anders 37,8% Het gemiddelde werkloosheidspercentage over 2001 bedroeg 8,5%. Begin 2002 telde Tsjechië ca. 465.000 werklozen en dat aantal liep in 2002 sterk op naar 9,4%. Deze stijging was met name te wijten aan de vertraging van de economie in de Europese Unie. De werkloosheid in Tsjechië kent echter grote regionale verschillen. |






De Tsjechische economie, tot dan toe een socialistisch economisch stelsel, werd sinds januari 1991 groetendeels geprivatiseerd. Burgers werden in de gelegenheid gesteld aandelen in bedrijven, in de vorm van waarborgbiljetten, te kopen (het zgn. voucher-systeem). Een andere maatregel om de economie te veranderen in een vrijemarkteconomie was het vrijgeven van de prijzen. 


