Bernartice u Trutnova

Wapen Bernartice
Trutnov
There are no translations available.

In het dal van de bergbeek Upa en op de aanliggende heuvels in het rijk beboste landschap van Podkrkonose, aan de horizon ingesloten door de hoogste Tsjechische bergen van het Reuzengebergte met de majestueuze 1602 m hoge Snezka, ligt op een hoogte van 427 m boven de zeespiegel de stad Trutnov met ongeveer tweeëntwintigduizend inwoners. Het wapen van Trutnov doet denken aan het verhaal van de stichting van de stad de strijd van ridder Trut met de draak, uitgebeeld door Mikolas Ales op zijn lunet in het Nationaal Theater te Praag. Op een blauw schild bevindt zich de zilveren stadspoort met twee torens, daarvoor de woedende draak. Tussen de torens vliegt zwarte raaf die een gouden ring in zijn snavel draagt, die de schatten van het landschap van het Reuzengebergte symboliseren.

Het ontstaan van Trutnov is rechtstreeks verbonden met de rivier de Upa. Door het stroomdal van de rivier hebben belangrijke handelswegen geleid. Het rivierwater dreef via het Molenkanaal (Mlynsky nahon) vier molens aan, leverde energie aan een papiermakerij en een walkmolen, de eerste fabrieken en elektriciteitscentrales. De Upa gaf haar naam tevens aan de Slavische nederzetting die in de 12e eeuw gesticht werd, de voorganger van het huidige Trutnov, zoals Upa door de Duitse kolonisten in de 2e helft van de 13e eeuw genoemd werd.

De eerste schriftelijke meldingen van de stad stammen uit 1260, wanneer ze in het blad van Idik ze Svabnic Upa, de tweede stad genoemd wordt, in tegenstelling tot het eerder gestichte Upa, de eerste stad, op de plaats van de huidige Hogere Oude Stad. De aanduiding Trutnov komen we voor de eerste maal tegen in een document van koning Vaclav II in het jaar 1301. Vanaf het einde van de 14e eeuw is Trutnov de stad van de Boheemse koningen, een huwelijksgift. De stenen vestingmuren uit de 14e eeuw, waarvan we de torso nog in de straat Na Vrchu (Op de hoogte) vinden, (en die hier versterkt werden vanwege het eronder stromende Molenkanaal Mlynsky nahon), evenals in de straat Op de stroom (Na Struze ook hieronder stroomde water vanuit het huidige park) beschermden de stad van de 14e eeuw tot halverwege de 19e eeuw. Trutnov werd in de geschiedenis drie keer ingenomen in 1421 door Zizka en in 1642 en 1647 door de Zweden. Na de grootste brand van Trutnov in 1861 werden de vestingmuren voor een groot deel gesloopt en werden de stenen gebruikt voor de wederopbouw van ingestorte huizen.

Het centrum van de stad is altijd het plein geweest, waar vanuit de hoeken een tweetal straten lopen in het westen naar de Hogere Poort (Horni brana een monument, niet slechts vanwege de gevangenis en de martelkamer, waar in 1605 de later terechtgestelde burgemeester Pfeyfer schuld bekende, maar ook door zijn twee bierklokken, die door gelui een eind maakte aan de drankgelagen in de kroegen), en in het oosten naar de Lagere Poort (Dolni brana). Door deze poort keerden in 1547 de bewoners van Trutnov na de eerste telling naar de stad terug. In 1775 raasden op het plein van Trutnov opstandige onvrijen er werd op bloedige wijze een einde gemaakt aan hun opstand door schoten van het leger, dat naar de Huml-heuvel (Humluv kopec) geroepen was. In het revolutiejaar 1848 stroomden 160 nationale gardisten onder leiding van Uffo Horn op het plein samen, om het strijdende Praag te hulp te schieten. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden op het plein demonstraties van honger lijdende arbeiders gehouden. Het was hier vol in mei 1945, evenals in februari 1948.

Een groot gedeelte van de geschiedenis wordt verteld door het kerkhof uit 1875. Tot die periode had Trutnov twee kerkhoven. E?n bij de kerk voor hooggeboren stedelingen, het tweede op de heuvel Kryblice voor armen, zelfmoordenaars en rebellen. Enkele waardevolle grafzerken van de kerkbegraafplaats werden na de opheffing ervan overgeplaatst naar een nieuw kerkhof. Ze bevinden zich nu in de ceremoniehal, opgericht in de neogotische kapel van het Heilig Kruis. Aan beide zijden van de kapel trekken de graven van de fabrikanten van Trutnov de aandacht, die waardevolle artistieke traliewerken bevatten. Op de begraafplaats vinden we de graven van de dichter Uffo Horn en Wilhelm Kiesewettr, de voorman van de arbeiders van Trutnov, verder een monument voor de dragonders van Windisch Graetz uit Oostenrijk en het graf van de Pruisische bevelshebber Wojke, die beide doen herinneren aan het oorlogsjaar 1866, evenals een monument van de hand van de beeldhouwer Emil Schwantner voor 334 gevallen stadsbewoners van Trutnov, omgekomen tijdens de Eerste Wereldoorlog, een monument voor Tsjechoslowaakse soldaten van de Compagnie Groet! (Rota Nazdar), een monument voor de Joodse vrouwen van het concentratiekamp in Pořič? en een monument voor de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog.

Het huidige Trutnov heeft een intensief cultureel en maatschappelijk leven. Het staat in het teken van de muziek een traditie van de stad is vanaf 1981 het festival van kamermuziek, de Herfst van Trutnov (Trutnovsky podzim) en het Open Air Music Festival met tientallen Tsjechische en buitenlandse groepen, dat door tienduizenden luisteraars wordt bezocht. Eveneens geliefd is het jaarlijkse jazzfestival Jazzinec, het Orgelfestival en de Advent van Trutnov.

De stad leeft ook door sport en lichamelijke opvoeding het vrouwenvoetbal in de eerste divisie, topvoetbal en goed hockey. De stad heeft uitstekende zwemmers en kanovaarders. Er wordt met succes aan honkbal, richochet, bowling, judo en tennis gedaan. De mogelijkheid tot sportbeoefening wordt in Trutnov door 21 sportclubs en verenigingen voor lichamelijke opvoeding gegeven. De grootste hiervan, de TJ Lokomotiva, overkapt 26 sporten met meer dan 2200 leden. Deze vereniging is tevens de exploitant van de grote sportfaciliteiten van de stad. De stad Trutnov ondersteunt met haar begroting de activiteiten op sportgebied en het gebied van lichamelijke opvoeding maximaal.


Een veel bezocht recreatiegebied is Dolce, bijna 6 km van Trutnov verwijderd, dat vier visvijvers met watervallen heeft, fraai ingerichte zomerhuisjes en een camping met een restaurant en sportfaciliteiten. Door de faciliteiten en het uitgebreide dienstenpakket biedt Dolce aan tienduizenden Tsjechische en buitenlandse gasten gedurende het gehele jaar door een onderkomen.

Trutnov, na Hradec Kralove de grootste stad van de regio, is tevens een belangrijk industriecentrum met een ontwikkelde productie op het gebied van de elektrotechniek, de machinebouw, de textiel en bouwmaterialen. De energiebehoefte hiervan wordt volledig gedekt door een grote stoomcentrale en een warmwatercentrale. Trutnov is bekend door een groot aanbod van commerciële diensten, onderkomens, restaurants, vervoers- en financiële diensten en andere. De stad breidt de contacten met buitenlandse partners en bevriende steden (Swidnice, Kamienna Gora, Senica, Lohfelden) uit en verdiept ze op alle gebieden.

Trutnov heeft ook een veelbelovende toeristische toekomst. Nu al is de stad een geliefd uitgangspunt voor uitstapjes naar de historisch en in natuurwetenschappelijk opzicht interessante omgeving, naar het land van de gebroeders Capek, Bozena Nemcova en Alois Jirasek, naar de rotsen van Adrspach, naar Kuks en het safaripark in Dvur Kralove nad Labem. De stad is tegelijkertijd de toegangspoort tot onze meest bezochte bergen, het Reuzengebergte (Krkonose).
(Bron: Infocentrum Trutnov)
Zie ook:

Bezienswaardigheden in Trutnov
 
/templates//div